Recensie van de lezing van John Körmeling van 14 november 2023, door Hans van Velzen in de Meppeler Courant en de Oprechte Steenwijker Courant van 15 november 2023:
‘Goed is niet goed genoeg, een kunstwerk moet aan de omgeving iets toevoegen.’
Serie lezingen van stichting Vork maakt vliegende start met bouwkundige, architect en kunstenaar John Körmeling

Met woorden en gebaren probeert John Körmeling de manier waarop hij werk uit te leggen. Zijn handen laten zijn dat hij nog altijd zelf in de werkplaats/ atelier aan het bouwen is. In ontwerpen met een computer heeft hij geen zin. Foto: Hans van Velzen
Het mooiste plekje van Nederland staat in Antwerpen. Ooit ontwierp John Körmeling voor Madurodam een regenwolk met een gat erin. Daardoorheen straalde de zon die een figuur verwarmde in een ligstoel op het gras. Hij noemde zijn werk ‘Het mooiste plekje van Nederland’. Nu, vele jaren later, is het te bewonderen bij onze zuiderburen.
De Stichting Vork, dat staat voor ‘Verrijking van de Openbare Ruimte met Kunst’ maakte dinsdagavond een vliegende start. Bijna 70 bezoekers bezochten de eerste lezing in een nieuwe reeks lezingen. John Körmeling is zeker niet de eerste de beste kunstenaar. De van oorsprong bouwkundige en architect bedacht en maakte talloze kleine en vooral heel grote constructies. Wat een onvoorstelbare creatieve man is hij. Als hij in de loop van de avond het ene naar het andere beeld laat zien van zijn werk, stijgt de bewondering alleen maar. Het heeft er alle schijn van dat hij er een prima bestaan mee heeft opgebouwd. En dat terwijl hij, naar eigen zeggen, na zijn twaalf jaar durende studie, vooral leefde van afgekeurde schetsontwerpen. Over geld heeft hij zich nooit druk gemaakt. Gekleed in een geruit overhemd met onduidelijke broek met daaronder een paar veiligheidsschoenen, zou hij zo de bouwplaats op kunnen. En een echt begenadigd spreker is hij ook niet. Maar door zijn enthousiasme en humor had de zaal geen enkele moeite hem in het hart te sluiten.
Oplossingen
Zijn verbazing is groot over van alles wat fout gaat in de openbare ruimtes. Fietsers die op een gevaarlijk punt gedwongen worden de straat over te steken vanwege een volstrekt nutteloze stoep. Of zijn woonplaats Eindhoven, die erin slaagt files te creëren op plaatsen waar niemand hoeft te zijn. Maar het mooie is dat hij ook voor de hand liggende oplossingen weet aan te dragen. „Waarom worden al die spoorbanen die door onze steden lopen niet overdekt? Daar kunnen prima parkeerplaatsen worden aangelegd. Heel veel problemen los je daardoor op.” Ook voor het nieuwe depot in Rotterdam van het museum Boijmans Van Beuningen wist hij op geniale wijze het ruimtegebrek in de toegangshal op te lossen.
Hilarisch
Nog altijd is hij trots op zijn ‘vrijstaande rijtjeshuis’, dat op de Hasseltrotonde in Tilburg rondjes draait met het verkeer mee. Ronduit hilarisch. De gemeente wilde eerst niets weten van het ontwerp. Te klein, zo vond de zittende wethouder. Niet getreurd, hij ontwierp een variant op gigantische schaal. Inmiddels zat er een andere wethouder en die vond het nieuwe ontwerp maar niks. Hij bladerde door het rapport, zag het oorspronkelijke ontwerp en was direct om. Dat draaiende huis moest het worden. „Soms moet je niet te veel in discussie gaan. Gewoon de verkiezingen afwachten en dan komt er een nieuwe bestuurder.” Ooit kraakte iemand het huis en een horecaondernemer wilde er een bruidssuite in maken. De striptekenaar Gummbah wilde er permanent in wonen. „Maar dat mocht allemaal niet. Snappen jullie dat nou? De gemeente had er gewoon geld mee kunnen verdienen.”
Expo 2010
Een van zijn grootste opdrachten werd gebouwd in China. Hij bedacht en bouwde daar het Nederlandse paviljoen op Expo 2010, de wereldtentoonstelling in Shanghai. Het was een 450 meter lange rode straat ‘Happy Street’ in de vorm van het Chinese geluksgetal 8 waarover bezoekers langs een overzicht van de Nederlandse architectuurgeschiedenis konden lopen. Hij won er de Dutch Design Award mee. Het werd het best bezochte paviljoen van de wereldtentoonstelling. Alleen volgens de Chinezen niet, die vonden dat hun eigen inzending de meeste belangstelling had getrokken. Diep onder de indruk is Körmeling van het vakmanschap en de snelheid van de Chinese bouwers. „Je moet er wel met je neus bovenop blijven, anders maken ze er iets anders van.”
Kijkhut
Een van zijn meer recente werken is een, oneerbiedig gezegd, kijkhut voor vogelliefhebbers. Na een dijkverzwaring bij Texel, richting Waddenzee, werd een kunstduin aangelegd en de kijkhut moest de bekroning worden van het project. Dat is het zonder enige twijfel geworden. Hij vertelde dat hij de avond voordat hij zijn ontwerp moest indienen, het drastisch wijzigde. Van rond in langwerpig. „Het ontwerp waar ik maanden aan had gewerkt, vond ik plotseling niet mooi genoeg.” En dan zie je weer het verschil tussen een bouwkundig ingenieur en een kunstenaar. Goed is niet goed genoeg, een werk moet aan de omgeving iets toevoegen, deze mooier maken.
